De Belgisch-Luxemburgse takken van de Siemens Group – Siemens NV en Siemens Mobility NV – hebben begin 2026 een certificaat voor trede 2 van Ladder 4.0 ontvangen. Met het elektrificeren van de wagenvloot en de verhuizing naar een nieuw emissieloos kantoor zet het bedrijf grote stappen richting een uitstootvrije organisatie in 2030. De overstap naar lokaal opgewekte groene stroom en het in kaart brengen van de uitstoot van ketenpartners vragen nog wel de nodige aandacht.

Als leverancier van technologische oplossingen voor industrie, infrastructuur en transport, levert Siemens een belangrijke bijdrage aan de energietransitie. Volgens Toon Wassenberg, duurzaamheidsverantwoordelijke bij Siemens Mobility NV, is vergroening de kern van hun business. “Al onze diensten en producten zijn gericht op het maximaliseren van energie-efficiëntie en minimaliseren van energieverbruik. Het groene verhaal zit verweven door de hele organisatie: vanaf de internationale holding tot aan landelijk opererende dochterbedrijven. We vinden het niet alleen belangrijk om impact te maken met onze producten, maar ook als organisatie zelf. Daarom hebben we sterke ambities op het gebied van klimaat. Hierbij maken we gebruik van de CO2-Prestatieladder.”

Klaarstaan voor eerste aanbesteding met Ladder

Dat het Nederlandse zusterbedrijf van Siemens Mobility al meer dan tien jaar is gecertificeerd op de CO2-Prestatieladder gaf de Belgisch-Luxemburgse tak een duwtje in de juiste richting, vertelt Wassenberg. “In Nederland heeft het certificaat al regelmatig een gunningsvoordeel voor Siemens opgeleverd in een aanbesteding. Hoewel onze voornaamste klanten in België de Ladder nog niet hebben uitgevraagd in een tender, kan dat de komende jaren wel gaan gebeuren. We zien in de communicatie van onze klanten al verwijzingen naar de Ladder. Door ons nu al te laten certificeren, staan we klaar als het zover is en worden we niet ineens verrast door een tender. Als we dan nog alles in gang moeten zetten, zijn we te laat en bestaat de kans dat we een opdracht mislopen.”

Aan de slag met nieuwe versie van de Ladder

Siemens BeLux besloot direct aan de slag te gaan met het nieuwe versie van de CO2-Prestatieladder, versie 4.0. Hierbij lieten ze zich begeleiden door een externe consultant, zegt Sam Deckmyn, die binnen Siemens NV verantwoordelijk is voor de CO2-Prestatieladder: “We wilden voor beide organisaties al gaan voor een certificering voor ISO 14001, het milieumanagementsysteem. Hierbij werden we eveneens begeleid door een consultant. Het leek ons logisch om de Ladder meteen mee te nemen. Er zit namelijk grote overlap tussen beide managementsystemen als het gaat om de CO2-voetafdruk, -doelen en -acties en we wilden eindigen met één geïntegreerd actieplan voor milieu, energie en klimaat. De Ladder helpt ons om alles wat betreft de CO2-voetafdruk te structureren en is daarin nog net wat ambitieuzer dan ISO.”

Advies om aan de slag te gaan met trede 2

De consultant gaf de medewerkers van Siemens BeLux een interne opleiding voor het gebruik van de CO2-Prestatieladder. Deckmyn: “Hierdoor kregen we ook zelf de materie van de Ladder in de vingers. Verder heeft de consultant gekeken naar wat we allemaal al deden op het gebied van CO2-reductie. Op basis hiervan adviseerde hij om voor trede 2 te gaan, die zich richt op CO2-reductie binnen de eigen organisatie én de keten. Trede 1 – die zich alleen richt op uitstoot binnen de organisatie – zou namelijk te weinig ambitieus zijn. Tegelijkertijd achtte hij trede 3 – nul emissie in 2050 voor alle scopes –nog niet haalbaar gezien de complexiteit van onze ketens.”

Elektrificeren van wagenvloot en verduurzamen vastgoed

Binnen scope 1 en 2 zit zo’n driekwart van de uitstoot van Siemens BeLux in het wagenpark. Momenteel is het bedrijf bezig om de vloot te vergroenen, zegt Deckmyn. “Ons doel is om het wagenpark richting 2030 volledig te elektrificeren. Dit is in lijn met de ambities van het hoofdkantoor in Duitsland. Momenteel liggen we ruim op schema om dat te halen. Maar met alleen elektrisch rijden zijn we er nog niet. De Ladder stimuleert ons om ook te kijken naar energiereductie, dat vind ik een goed aspect. Vanuit dat oogpunt denken we aan mogelijkheden om collega’s te stimuleren om bijvoorbeeld zuiniger te rijden. Ook willen we groepsaankopen faciliteren voor medewerkers die zich thuis willen laten aansluiten op groene stroom, zodat ze ook daar hun auto groen kunnen laden.” Daarnaast werkt Siemens BeLux aan het verduurzamen van het vastgoed, de andere grote uitstoter binnen scope 1 en 2. In 2028 staat een verhuizing naar een state-of-the-art, volledig emissievrij gebouw aan de rand van Brussel op de planning.

Via gamificatie collega’s betrekken bij duurzaamheid

Om bij collega’s betrokkenheid en draagvlak te creëren voor duurzaam gedrag, onderzoekt Siemens de mogelijkheden voor gamificatie, het inzetten van spelelementen. Deckmyn geeft hiervan een voorbeeld. “Je kunt denken aan het bijhouden van het totaal aantal gereden kilometers op bedrijfsniveau en hoe dit evolueert. Dit kunnen we dan koppelen aan de energieprijs, zodat we kunnen zien hoeveel geld we op jaarbasis besparen door minder of zuiniger te rijden. Om het nog leuker te maken, kunnen we dit geld aan het einde van het jaar besteden aan bijvoorbeeld een goed doel of een personeelsfeest. Zo geef je met duurzaam gedrag niet alleen iets terug aan de planeet, maar ook aan je collega’s.” Wassenberg vult aan: “Het gaat er vooral om dat je niet belerend wordt. We gaan dus niet zeggen: je mag niet hard optrekken bij het stoplicht of met de auto naar de bakker, maar kijken hoe we op een positieve manier mensen kunnen meekrijgen.”

Lokale groene stroom is nog wel een uitdaging

Hoewel Siemens BeLux grote stappen zet richting een volledig klimaatneutrale organisatie in 2030 zijn er volgens Deckmyn ook nog wel wat uitdagingen. Een van de grootste hiervan is het inkopen van lokaal opgewekte groene stroom. “In ons huidige energiecontract hebben we stroom van onder meer Noorse windparken. Volgens de Europese definitie is dat groene stroom, maar voor de CO2-Prestatieladder geldt een strengere norm. Hiervoor moet de stroom in het land zelf zijn opgewekt. In een klein land als België is dat een behoorlijke opgave. We zijn aan het kijken hoe we dit de komende jaren richting 100 procent kunnen krijgen. Dat we onderdeel zijn van een internationale corporate maakt het extra uitdagend, omdat contracten met energieleveranciers vaak op grote schaal worden afgesloten.”

Uitstoot ketenpartners in beeld brengen

Trede 2 vraagt van organisaties dat ze niet alleen kijken naar de uitstoot binnen hun eigen organisatie, maar ook daarbuiten, in scope 3. Dat betekent dat Siemens data moet verzamelen over de uitstoot in de keten. Een belangrijk onderdeel hiervan is logistiek, zegt Wassenberg. “De eerste stap hierbij is het verzamelen van data over wie onze producten en materialen transporteert, op welke manier dat gebeurt en wat de uitstoot hiervan is. Op basis van die data kunnen we kijken welke acties nodig zijn om dit verder te verduurzamen. Bijvoorbeeld door alle transport elektrisch te laten uitvoeren. De grote vraag is hoe je dat doet. Gaan we van onze leveranciers eisen dat ze alles elektrificeren? En wat gaat dit kosten? De Ladder dwingt ons om dit allemaal uit te zoeken en te kwantificeren. Dat zorgt er enerzijds voor dat we flink aan de bak moeten, maar tegelijkertijd dat we concrete acties koppelen aan onze doelen en ambities en dat resultaten meetbaar zijn. Zo kunnen we ons verantwoorden en blijven uitdagen.”  

Niet altijd volledig grip op de keten

De producten die Siemens in België en Luxemburg verkoopt aan klanten zijn doorgaans afkomstig van eigen zusterbedrijven binnen de Siemens Group. Hierdoor heeft de Siemens BeLux niet volledig grip op het verduurzamen van de keten. Wassenberg: “We kunnen wel aan data komen over de voetafdruk van een product, maar het gesprek met leveranciers over hoe we die voetafdruk kunnen verlagen, verloopt vaak via het hoofdkantoor. We kunnen niet zomaar zelf bepalen bij welke partij we iets inkopen. Wat gelukkig erg helpt, is dat de Siemens Group zelf net zo ambitieus is op het gebied van klimaat en energie als wijzelf. Van bovenaf zijn er sterke doelen gezet om de hele keten te decarboniseren, dat vertaalt zich automatisch door naar onze producten. Het is alleen soms lastig om te bepalen wat binnen onze macht ligt en waar we minder of geen invloed op hebben.”

Ladder geeft impuls aan samenwerking

Wat Wassenberg heel mooi vindt aan de Ladder, is dat het instrument een impuls geeft aan de samenwerking met partners. “We zijn al jaren lid van Agoria, de Belgische werkgeversorganisatie voor technologiebedrijven. Dit is een mooi platform voor het uitwisselen van kennis en ideeën, bijvoorbeeld op het gebied van verduurzaming. Dankzij de CO2-Prestatieladder gaan dialogen nog meer dan voorheen over CO2-reductie. Ook brengt de Ladder meer structuur, ritme en systematiek in de samenwerking. We voelen ons door de Ladder uitgedaagd om maximaal in te zetten op CO2-reductie.”

Vermeden emissies bij klanten

De komende tijd wil Siemens haar salesforce gaan trainen om duurzame troeven nog meer onder de aandacht te brengen. Dit levert volgens Deckmyn ook weer milieuvoordelen op voor de klanten. “Als we een industrieel proces kunnen automatiseren of elektrificeren, helpt dat de klant om de eigen CO2-uitstoot te verlagen. Hoewel we voor de CO2-Prestatieladder niet noodzakelijk hoeven te rapporteren over emissies buiten de keten – de overige beïnvloedbare emissies (OBE’s) – proberen we deze wel zoveel mogelijk inzichtelijk te maken. Vanuit het hoofdkantoor is het doel tot 2030 in totaal 1 miljoen megaton CO2 aan vermeden emissies ten opzichte van het basisjaar 2023. Momenteel zitten we al op 694.000 megaton. Door hierover te communiceren laten we zien dat we een aanjager zijn van de energietransitie.”