De CO₂-Prestatieladder stimuleert het gebruik van hernieuwbare brandstoffen. Biogas en groen gas zijn hier voorbeelden van. In dit artikel leggen we uit wat biogas en groen gas zijn, wat de verschillen zijn en hoe organisaties hiermee om moeten gaan voor hun certificering voor de CO₂-Prestatieladder.

Hoe ontstaat biogas?

Biogas ontstaat bij de zuurstofloze vergisting van organisch materiaal zoals mest, rioolslib of groenafval. Voorbeelden van organisaties die hier mee te maken hebben zijn boeren, waterschappen en afvalverwerkers. Biogas bestaat vooral uit methaan (CH4). Methaan heeft de eigenschap dat het als brandstof kan dienen. Het voordeel biogas is, dat het aandeel methaan niet fossiel is, zoals bij aardgas, maar gemaakt is van biomassa. Dit maakt biogas een hernieuwbare brandstof. Ook als een organisatie niets wil doen met biogas ontstaat dit vanzelf.

Moet een organisatie rapporteren over biogas?

Als het niet wordt afgevangen, ontsnapt methaan en is de organisatie verplicht hierover te rapporteren (zie dit artikel over niet-CO2 broeikasgassen). Het broeikasgaseffect van methaan is 27x zoveel als CO2. Het voordeel van afvangen en gebruiken is dus dat het methaan én niet ontsnapt én ter vervanging van fossiele brandstoffen kan worden gebruikt.

Wanneer wordt biogas groen gas?

Het nadeel van biogas is dat er naast brandbaar methaan ook nog veel onbrandbare of andere nadelige stoffen in zitten zoals CO2, waterdamp en ammoniak. Hoewel biogas direct kan worden gebruikt om elektriciteit en warmte te produceren (waterschappen doen dit bijvoorbeeld), wordt vaak gekozen om deze andere stoffen er eerst uit te halen. Na deze bewerking heeft het gas exact dezelfde samenstelling als aardgas en krijgt het een nieuwe naam: groen gas.

Is groen gas op het gasnet terug te herleiden?

Omdat groen gas exact dezelfde eigenschappen heeft als aardgas wordt het meestal ingevoerd in het landelijke gasnet. Vanaf dat moment werkt het precies hetzelfde als bij groene stroom: net zoals we fysiek geen onderscheid meer kunnen maken tussen grijze en groene stroom op het elektriciteitsnet, kunnen we dat ook niet meer tussen aardgas en groen gas op het gasnet. Er is immers maar één systeem.

Hoe werken Garanties van Oorsprong (GvO’s) voor gas?

Om deze reden is er in de meeste Europese landen zowel voor groene stroom als voor groen gas een systeem van ‘Garanties van Oorsprong’ (GvO’s). Met deze GvO’s krijgt een koper van groen gas de garantie dat exact dezelfde hoeveelheid groen gas in het gasnet is gestopt als hij heeft gekocht.  Ook is belangrijk dat het land waarin het groene gas geproduceerd is, gelijk is aan het land waarin het groene gas wordt gebruikt (net zoals bij groene stroom). In Nederland wordt dit GvO-register voor groen gas en voor groene stroom beheerd door overheidsinstelling VertiCer. In België wordt dit o.a. gedaan door de Vlaamse Nutsregulator en CWaPE.

Hoe kan ik aan de slag met GvO’s?

Kopers van groen gas kunnen óf zelf een account aanvragen voor het register óf de administratie via hun energieleverancier laten lopen. Voor de meeste organisaties is de laatste optie het meest logisch. De energieleverancier moet dan aantonen dat de juiste hoeveelheden zijn afgeboekt en zijn toegewezen aan de specifieke klant (o.a. door vermelding op de factuur). De toezichthouder (bijvoorbeeld ACM in Nederland) ziet hierop toe. Voor de CO2-Prestatieladder controleert de auditor dit.

Moet ik sturen op biogas en groen gas voor de CO₂-Prestatieladder?

Organisaties met een certificaat voor de CO2-Prestatieladder moeten vanzelfsprekend werken aan CO2-reductie. Overstappen op groen gas kan voor organisaties die nog aardgas gebruiken een zinvolle maatregel zijn om de eigen emissies (scope 1) naar beneden te krijgen.

Nieuw in versie 4.0 is dat organisaties ook aan de slag moeten met niet-CO2 broeikasgassen en met overige beïnvloedbare emissies (OBE). Zoals eerder genoemd is dit bijvoorbeeld relevant voor een waterschap dat normaal gesproken biogas laat ontsnappen en dus nu moet rapporteren over de methaanuitstoot (een niet-CO2 broeikasgas). Voorkomen dat dit ontsnapt is dus al een goede maatregel, maar het is nog beter als de organisatie het biogas in groen gas omzet en verkoopt aan een partij die anders aardgas had gekocht. In dat geval is ook nog sprake van ‘vermeden emissies’, een categorie binnen OBE. Als het waterschap het biogas toch zelf gebruikt moet het de CO₂ die daarbij vrijkomt rapporteren als ‘biogene emissies’, een andere categorie binnen OBE.

Welke CO₂-emissiefactoren voor groen gas moet ik gebruiken?

Een organisatie die biogas produceert en direct gebruikt, zoals een waterschap, monitort in de meeste gevallen al om hoeveel koolstof het gaat. Voor groen gas hebben veel databases met emissiefactoren aparte factoren. Dit geldt ook voor de databases die de CO2-Prestatieladder voorschrijft voor Nederland http://www.co2emissiefactoren.nl/en België http://www.co2emissiefactoren.be/. Het is belangrijk om een emissiefactor te kiezen die zo accuraat en compleet mogelijk is en dus zo goed mogelijk aansluit bij de bron die op de GvO staat. Als het waterschap het biogas toch zelf gebruikt moet het de CO₂ die daarbij vrijkomt rapporteren als ‘biogene emissies’, een andere categorie binnen OBE’.

Kan ik ook CO₂-gecompenseerd gas gebruiken voor de Ladder?

Er zijn aanbieders die ‘CO2-gecompenseerd’ gas aanbieden. Dit is wezenlijk anders dan groen gas en telt niet mee voor de CO2-Prestatieladder (d.w.z. dit gas telt gewoon als aardgas). Het verschil is namelijk dat bij CO₂-gecompenseerd gas zogenaamde carbon credits zijn gekocht op de (inter)nationale markt die bedoeld zijn om de uitstoot van het aardgas tegen weg te strepen. 

Voor de exacte eisen m.b.t. groen gas, zie de eisen 1.A.2-1, 2.A.2-1 of 3.A.2-1 in handboek 4.0 (of par. 5.2.2.1in handboek 3.1). Mocht u toch nog vragen hebben, neem dan contact op met SKAO.

Meer lezen:
Groene stroom en de CO₂-Prestatieladder: zo werkt het
Wat zijn overige beïnvloedbare emissies (OBE)?
Niet-CO₂-broeikasgassen voortaan ook meegenomen in CO₂-Prestatieladder